geciteerd uit BNABLAD #10/09, rubriek UITVERGROOT:  Dana Ponec (1964, Dana Ponec architecten) over een woonhuis van Paul Tesser (1973)

‘Ik vind het heel prettig als een architect laat zien dat hij een toegepast vak heeft. We zijn geen beeldend kunstenaars, we ontwerpen voor een opdrachtgever. Paul Tesser heeft zich in drie jaar tijd gespecialiseerd in woningen bouwen of verbouwen voor particulieren. Dat is een vak apart, ik ken architecten die zelfs een studie psychologie hebben gevolgd om te leren omgaan met niet-professionele opdrachtgevers. Ik weet niet hoe Paul Tesser het aanpakt, maar hij zal veel geduld hebben. De vele woningen op zijn site tonen een net zo grote verscheidenheid als de mensen die erin wonen. Dat spreekt mij aan.
Ik pikte deze woning in Carnisselande eruit omdat dit een goed voorbeeld is van hoe je de particuliere opdrachtgever kunt bedienen zonder er een slecht uitvergrote kopie van een jaren ’30-woning van te maken. Dit is een karakteristiek huis met een puntdak en een schoorsteen, heel herkenbaar. Niet schreeuwend of wereldvreemd, gewoon wat je je voorstelt bij een huis. Toch valt het op tussen de cataloguswoningen op dat rijtje kavels. Door de geleding is het heel elegant. De verhoudingen zijn goed, het staat daar op zijn plek, het materiaal is mooi en de detaillering zorgvuldig. Helaas waren de bewoners niet thuis toen ik ging kijken, dus ik heb het interieur – dat ook door Tesser is ontworpen – niet kunnen zien. Het enige wat ik glurend door het raam zag, was een mooie trap. Maar in wezen is de stijl niet relevant. Waar het om gaat is dat het een helder en liefdevol ontwerp is. En dat is het. Ik snap waarom Tesser van dit huis is gaan houden.